Karel Doorman
.
"Ik val aan, volg mij" - " All ships. Follow me "

Karel Willem Frederik Marie Doorman (Utrecht, 23 april 1889 – Javazee, 28 februari 1942) was een Nederlands Schout-bij-nacht. De Engelse naam voor zijn rang is Rear Admiral, en zo raakte hij bij de geallieerden onder zijn bevel, en later in de Engels sprekende wereld, bekend als Admiral Doorman. Doorman kwam om tijdens de Slag in de Javazee. Ter nagedachtenis heeft de Koninklijke Marine tot drie keer toe een schip naar hem genoemd (zie Hr. Ms. Karel Doorman).

Doorman, geboren in Utrecht en katholiek opgevoed, stamde uit een familie van beroepsmilitairen. In 1906, zeventien jaar oud, werd hij adelborst en in 1910 kwam zijn benoeming tot officier. Na drie jaar Nederlands-Indië als jong officier met onder meer werkzaamheden als het in kaart brengen van de kustwateren van Nieuw-Guinea kwam zijn verzoek tot plaatsing bij de Luchtvaartafdeeling. Hij was een van de eerste marineofficieren die een vliegbrevet behaalde, en werd al snel een van de organisatoren van de Marine Luchtvaartdienst. Van 1915 tot 1918 was hij gestationeerd bij de Luchtvaartafdeeling (LVA) te Soesterberg en ontmoette hij Albert Plesman, die daar ook vlieger was maar dan van de landmacht. In 1915 behaalde hij zijn civiele (FAI) vliegbrevet en in 1916 het belangrijkere marinevliegbrevet. Van 1917 tot 1921 was hij instructeur, eerst te Soesterberg en vanaf 1918 op het marinevliegkamp De Kooij bij Den Helder. Van dit laatste landvliegkamp van de marine was hij van 1919 tot 1921 tevens de commandant. Vanwege zijn verdiensten voor de Marine Luchtvaartdienst werd hij in 1922 koninklijk onderscheiden (ridder in de orde van Oranje Nassau).

Een ernstige armkwetsuur, opgelopen bij een schaatstocht naar De Kooij, plus het feit dat bezuinigingen op de Marine Luchtvaartdienst in de maak waren, zorgden ervoor dat Doorman zijn actieve vliegloopbaan moest (en wilde) opgeven. Van 1921 tot 1923 volgde hij de Hogere Marine Krijgsschool te Den Haag, essentieel voor een verdere loopbaan als marineofficier. Eind 1923 werd hij geplaatst op het departement van Marine te Batavia, en had onder meer zitting in commissies die moesten leiden tot het samensmelten van de Marine Luchtvaartdienst met de luchtvaartafdeling van het KNIL. Deze samensmelting heeft nooit plaatsgevonden.

In 1926 volgde na elf jaar weer eens een langere benoeming aan boord van een marineschip, namelijk op het pantserschip Hr. Ms. De Zeven Provinciën. Tot eind 1927 was hij aan boord van dit schip geplaatst als officier van artillerie later in combinatie met de functie van eerste officier. Begin 1928 keerde hij terug naar Nederland en werd hij geplaatst op het departement van Marine te Den Haag als eerst verantwoordelijke voor de aanschaf van materieel voor de Marine Luchtvaartdienst. Begin 1932 volgde zijn eerste commando over een schip, namelijk de mijnenlegger Prins van Oranje. Met dit schip voer hij in hetzelfde jaar voor de derde maal naar Nederlands-Indië. Al snel werd dit commando vanaf 1932 ingeruild voor dat van een torpedobootjager, eerst de Witte de With en later vanaf eind 1932 de Evertsen. Met dit laatste schip was hij ook betrokken bij de actie tegen de muiters op De Zeven Provinciën, februari 1933.

In januari 1934 keerde Doorman terug naar Nederland met de Evertsen. Hierna volgde een periode van drie jaar als chefstaf van het marinecommandement te Den Helder. Doorman vertrok in 1937 naar Nederlands-Indië als kapitein ter zee om als commandant over respectievelijk de kruisers Sumatra en Java bevel te voeren. In 1938 volgde zijn benoeming tot Commandant van de Marine Luchtvaartdienst in Nederlands-Indië.

In 1940 werd hij Schout-bij-nacht en volgde zijn benoeming tot eskadercommandant te Soerabaja. Begin 1942 kreeg hij het bevel over de Combined Striking Force van ABDACOM, het American British Dutch Australian Command. Doorman kwam om het leven toen zijn schip De Ruyter tijdens de Slag in de Javazee tot zinken werd gebracht. Een deel van de bemanning kon worden gered, maar Doorman verkoos, volgens oude marinetraditie, met het schip ten onder te gaan. Op 5 juni 1942 werd hem postuum de Militaire Willemsorde, IIIe klasse, verleend, die op 23 mei 1947 door luitenant-admiraal C.E.L Helfrich, aan boord van Hr. Ms. Karel Doorman in het bijzijn van Prins Bernhard, werd uitgereikt aan de oudste zoon van de Schout-bij-nacht.

Doorman is van 1919 tot 1934 getrouwd geweest met Justine Schermer, en vanaf 1934 met Isabella Heyligers.

Tussen 1946 en 2006 zijn met tussenperioden drie vaartuigen in dienst geweest van de Koninklijke Marine vernoemd naar Karel Doorman, waaronder een voormalig Brits vliegdekschip uit de Colossusklasse, het grootste schip ooit door de marine gevaren.

In 1949 werd een straat in het centrum van Rotterdam naar Karel Doorman vernoemd, en in 1959 gaf de winkeliersvereniging aan beeldhouwer Willem Verbon opdracht voor een bronzen borstbeeld. Op de sokkel staat onder andere de tekst Invia virtuti, nulla est via (voor moed is geen weg onbegaanbaar).

Karel Doorman wordt vaak geëerd omdat hij tijdens de Slag in de Javazee "Ik val aan, volg mij" zou hebben gezegd, wat erg dapper werd gevonden. De werkelijke toedracht is veel prozaïscher.

Op 27 februari 1942 om ongeveer vier uur 's middags kregen de Japanse en geallieerde eskaders elkaar in zicht. Het geschut van de beide Japanse kruisers reikte echter verder dan het geallieerde geschut, en omstreeks vijf uur werd de Britse kruiser Exeter getroffen. Twintig minuten later werd de Nederlandse torpedobootjager Kortenaer getorpedeerd. Het schip explodeerde en brak in twee stukken. In het geallieerde eskader ontstond verwarring over de te volgen koers, onder meer doordat de Exeter nog maar op halve kracht kon varen en op eigen gelegenheid naar de haven Tanjung Priok wilde terugkeren.

Om aan de verwarring een eind te maken zond Doorman het sein: "[to] All ships. Follow me". Daarmee gaf hij aan dat "alle schepen" niet de Exeter, maar het vlaggenschip De Ruyter moesten volgen. In de daarop volgende uren gingen onder meer de kruisers De Ruyter en Java verloren. Het restant van het geallieerde eskader leverde een dag later slag bij de westpunt van Java, en werd daar naar de kelder gejaagd. De Japanse invasiemacht landde op Java, en de bezetting van Nederlands-Indië was begonnen.

Charybdis - Karel Doorman